Instellingen van de netwerk-USB-hub
Met de algemene instellingen bepaalt u bijvoorbeeld of het besturingscentrum tegelijk met de computer moet worden gestart en of updates voor het besturingscentrum moeten worden gedownload.
U opent de instellingen van de netwerk-USB-hub door in het besturingscentrum te klikken op Algemene hubinstellingen configureren onder Taken.
Algemene instellingen
Aangesloten hubs
Over de netwerk-USB-hub
Algemene instellingen
Op het tabblad Algemeen kunt u opgeven wanneer het besturingscentrum moet worden gestart en welke meldingen u wilt krijgen.Als u het selectievakje Besturingscentrum tegelijk met Windows starten inschakelt, zijn alle apparaten die automatisch verbinding maken, meteen klaar voor gebruik zodra de computer is gestart. Zie Apparaateigenschappen voor meer informatie over het automatisch verbinding laten maken van apparaten. Als u de software tegelijk met de computer laat starten, kunt u ook het selectievakje Besturingscentrum weergeven inschakelen. In dit geval wordt automatisch het besturingscentrum weergegeven wanneer u de computer start.
Onder Meldingsinstellingen kunt u opgeven welke meldingen u wilt krijgen. Schakel desgewenst de volgende selectievakjes in:
- Melding wanneer verbinding met apparaat wordt verbroken: als u een melding wilt krijgen wanneer de verbinding met een USB-apparaat is verbroken.
- Herinnering dat apparaten niet in gebruik mogen zijn wanneer ik de verbinding verbreek: als u eraan wilt worden herinnerd dat u een apparaat niet mag gebruiken op het moment waarop de verbinding wordt verbroken. Wanneer u bijvoorbeeld de verbinding met een opslagapparaat verbreekt terwijl er bestanden geopend zijn, kan dit gegevensverlies veroorzaken.
Aangesloten hubs
Op het tabblad Aangesloten hubs kunt u alle netwerk-USB-hubs uit uw netwerk weergeven en de eigenschappen ervan instellen.Alle Aangesloten hubs staan in het vak. Selecteer de gewenste hub en klik op Eigenschappen om de instellingen van die hub te raadplegen. Klik op Vernieuwen voor een actueel overzicht van het netwerk.
Netwerkbeheerders van een netwerk met subnetwerken kunnen op Actualiseringsopties klikken om broadcast-IP-adressen op te geven voor het zoeken naar hubs. Broadcast-IP-adressen worden gebruikt om alle apparatuur in subnetwerken te zoeken.